Collage coming out


Roman, een van de personages uit mijn eerste roman De draad en de vliegende naald, verzamelt woorden die hij knipt uit kranten, melkpakken, plastic flessen. Hij scheurt bladzijden uit boeken ‘zodat de letters een nieuw leven konden beginnen.’ Ik heb me altijd afgevraagd: wat zou hij verder met die woorden doen? Wat zou dat nieuwe leven kunnen zijn?

Toen ik een jaar of twee geleden een tijdje niet kon lezen – een beangstigende ervaring – moest ik steeds aan Roman denken. Hij had een briljante manier gevonden om zich woorden toe te eigenen. Uit woede over het niet-kunnen lezen begon ik net als hij woorden te verzamelen: honderden woorden, duizenden. Ik knip uit alles: tijdschriften en reclamefolders, catalogi en psalmboeken, de scheurkalender van mijn stiefdochter. Al die woorden bewaarde ik in een groene archiefdoos. Aparte sigarenkistjes vulden zich met ‘dieren’, ‘kleuren’, ‘eten’, ‘lievelingswoorden’. Simultaan begon ik ook plaatjes uit te knippen.

Lees verder “Collage coming out”

De takken wiegen in verschillende richtingen – over ‘Familiearchief’ van Boris Chersonski

Vandaag wil ik lezen over Oekraïne en ik twijfel wat ik van de plank zal pakken. Misschien Esther van Katja Petrowskaja of Ze kwam uit Marioepol van Natascha Wodin of misschien dat hele kleine fijne dichtbundeltje Drohobycz van Serhij Żadan? Maar behalve het bundeltje van Żadan heb ik geen ‘echte’ Oekraïense literatuur. Al mijn boeken die met Oekraïne te maken hebben, zijn in een andere taal geschreven, vanuit een andere taal vertaald.

Ik kies voor Familiearchief van Boris Chersonski. Ik had nog nooit van deze Joods-Russische dichter gehoord tot ik deze cyclus van verhalende gedichten op een stapel in de ramsj zag liggen. De bundel greep me meteen bij de keel.

Lees verder “De takken wiegen in verschillende richtingen – over ‘Familiearchief’ van Boris Chersonski”

In memoriam: Stanisław Barańczak

2094723-165x233

Naast al het schokkende wereldnieuws van het afgelopen jaar, leken andere schokkende gebeurtenissen ineens kleiner te zijn. Het verdwijnen van de filosofie als studierichting aan de Erasmus Universiteit en het verdwijnen van steeds meer kleine talen aan andere universiteiten: het zijn geen ontwikkelingen die de oudejaarsconferences halen. Maar als de UvA zijn hervormingsplannen gaat realiseren, verdwijnen de bacheloropleidingen Zweeds, Noors, Deens, Pools, Tsjechisch, Servisch/Kroatisch, en Nieuwgriekse taal en cultuur geheel uit Nederland. Lees verder “In memoriam: Stanisław Barańczak”

Genoeg

Szymborska1

Vorige week verscheen in Polen de echt allerlaatste dichtbundel van Wisława Szymborska. De bundel bevat haar dertien laatste gedichten en enkele fragmenten, gereconstrueerd uit nagelaten notitieblaadjes. De titel voor de bundel bedacht Szymborska zelf nog voor haar dood: Wystarczy, hetgeen betekent ‘zo is het genoeg’, of, als je nog minder woorden wilt gebruiken: ‘genoeg’.

Wystarczy
, daar kun je heel flauw over doen: ‘het is mij wel best’, of ‘het is mooi geweest’. Zelf dacht ik eerder aan die prachtige cantate van J.S. Bach, Ich habe genug (BWV 82). Lees verder “Genoeg”

Szymborska en Vermeer, Vermeer en Szymborska

Schermafbeelding 2016-06-25 om 16.41.43

In mijn dromen / schilder ik als Vermeer van Delft schreef de vorige week overleden Wisława Szymborska in haar gedicht “Lof der dromen”.
Geen Rembrandt of Rubens: het ging Szymborska niet om de meesters van het stevige penseel of het grote gebaar, maar ze waardeerde in de schilderkunst juist het kleine, nauwelijks waarneembare. In het landschap van de oude meester / waar de bomen onder olieverf wortelen / leidt het paadje zonder twijfel ergens heen, dicht ze in “Landschap”, en ze gaat verder: ik ben die vrouw daar onder de es. Kijk goed hoe ver ik me van jou verwijderd heb / wat voor witte kap en gele rok ik draag / hoe stevig ik mijn mandje vasthoud om niet van het doek te vallen. Lees verder “Szymborska en Vermeer, Vermeer en Szymborska”

De film, het gedicht, het boek, de titel

arseny-tarkovsky

De Spiegel van Andrei Tarkovski: het was een van de eerste films die ik in het begin van de jaren negentig bekeek in een Warschaus bioscoopje. Het Russisch in de film kon ik niet verstaan, de Poolse ondertiteling kon ik nog niet lezen. Maar dat gaf niet: de film is een soort gedicht in beelden. Ik werd reddeloos verliefd op De Spiegel, en later op alle andere films van Tarkovski. Lees verder “De film, het gedicht, het boek, de titel”

Koester de tafels van Joseph Brodsky

2009_11_Krakow-027

Als je de gedichten van Joseph Brodsky hebt gelezen, zijn alle dingen anders. De dode dingen komen tot leven, de levende doen aan de doden denken. In Voor mijn dochter belooft de dichter in een café als meubilair te figureren. ‘Bedenk’, bezweert hij, dat elk levenloos voorwerp je vader kan zijn / zeker als de voorwerpen groter zijn dan jij, of ouder.’ En: ‘Of je ze tegenkomt of niet, koester die dingen.’ Als je dit gedicht hebt gelezen, kun je nooit meer in een café zitten zonder verstolen het tafelblad te strelen, met je benen een stoelpoot te omklemmen. En dat is dan alleen nog maar een tafel in een café. Lees verder “Koester de tafels van Joseph Brodsky”