Over de Porajmos in Zutphen – Ode aan Zoni Weisz


Er was in de steden geen plek voor de Zigeuners
en op het platteland moordden ze, vermoordden ze ons.
Wat moesten we doen? We gingen met de Zigeunerkinderen naar het bos,
ver het bos in, zodat de Duitse honden ons niet zouden vinden.
(Papusza, uit ‘Droevig lied’, 1951)

Vandaag is het precies 75 jaar geleden dat het jongetje Zoni Weisz uit Zutphen bij zijn tante in Vorden ging logeren. Het redde zijn leven. (meer…)

Ode aan een droevige hond


Ineens dook hij op tijdens een wandeling in de Ardennen: een droevige hond. Ik had net een pittige terrër, een grimmige herdershond en een valse rotweiler achter de rug en ik schrok nogal toen hij op danspoten naar me toe kwam wapperen en mijn hand likte. Mistige ogen in een grijs gezicht, oren die slordig aan zijn kop zaten. Hij duwde met zijn neus in mijn knieholtes en ik begon weer te lopen, de heuvel af, het dorp uit. (meer…)

Ode aan De goede zoon van Rob van Essen


Net als ik woonde hij aan de Weesperzijde, studeerde kunstgeschiedenis, en was hij gereformeerd, hoewel hij in een strenger milieu opgroeide dan ik. Toch twijfelde ik toen zijn redacteur, die ook de mijne is, me zijn boek in handen duwde. ‘Moet je lezen. Een onwaarschijnlijk mooie dystopische roman.’

Een dystopische roman lezen? Ik, die niet van science fiction houdt?

Maar ik begon in De goede zoon van Rob van Essen en kon niet meer ophouden. (meer…)

De Jacobsboeken, een leesavontuur

In dit veel te lange blog ga ik proberen u te verleiden tot het lezen van een veel te dik boek met veel te veel personages en een veel te lange ondertitel. De Jacobsboeken. Een grote reis over zeven grenzen, door vijf talen en drie grote religies, de kleine niet meegerekend. Verteld door de doden, en door de auteur aangevuld met behulp van conjunctuur, uit vele uiteenlopende boeken geput, alsmede geholpen door de imaginatie, die de grootste natuurlijke gave is van de mens. Voor de Wijzen pro Memorie, voor mijn Landgenoten ter Reflectie, voor de Leken tot Lering, en voor de Melancholici evenwel tot Vermaak. 

Bent u er nog? Let’s go. (meer…)

Het treinbord

Het moet ergens in de jaren negentig geweest zijn: het was na de Wende en ik werkte bij de Nederlandse Ambassade in Warschau. Alles in Polen veranderde. Als attaché voor pers- en culturele zaken richtte ik me niet alleen op pers en cultuur, maar ook op de historische en maatschappelijke onderwerpen die in die periode actueel waren. Vele musea en historische instituten maakten een transitie door: nu Polen het communisme van zich had afgeschud, konden vele verhalen eindelijk op een andere manier verteld worden.

In die context werden ook de nationale paviljoens in Auschwitz opnieuw ingericht in de barakken die daarvoor op het voormalige kampterrein ter beschikking werden gesteld. (meer…)

Het dagboek van Rywka Lipszyc

Met de intuïtie van dokter Zinajda Berezowska, arts bij het Rode Leger, was niets mis. Toen ze in het voorjaar van 1945 een volgeschreven schoolschrift vond tussen de ruïnes van een van de crematoria van Auschwitz-Birkenau, voelde ze dat ze iets bijzonders in handen had, ook al kon ze er geen woord van lezen. Ze nam het schrift mee naar huis, naar Omsk, waar ze het jarenlang tussen haar papieren bewaarde. Dankzij haar kleindochter Anastasia heeft nu het oorlogsdagboek van Rywka Lipszyc – want dat was het schriftje dat Zinajda in Omsk bewaarde – zijn weg naar het publiek gevonden. (meer…)

Transitie


De mooiste nieuwjaarskaart ontving ik van de Zutphense kunstenaar Edith Meijering. Kotty huis in uit, heet het werkje officieel. Wat je ziet is niets meer en niets minder dan dat: hond Kotty (2004 – 2015) vliegt een huis in en komt er weer uit – maar dan als mens. Een vrouw met lippenstift op. (meer…)

Een monumentje voor Isaac Bashevis Singer

Eindelijk is het zover: Isaac Bashevis Singer heeft een monumentje gekregen in zijn Krochmalnastraat. Het is een simpel gedenkteken, een zwartgranieten plaat op een grijsbetonnen muur. ‘Elke Joodse straat in Warschau was een stad op zichzelf’, vermeldt de steen in de woorden van de grote schrijver. En daar is aan toegevoegd: ‘De toekomstige Nobelprijswinnaar woonde in dit deel van Warschau tussen 1908 en 1917. Door zijn werk maakte hij de Krochmalnastraat beroemd over de hele wereld.’ (meer…)

Over het stelen van een ziel

In Goudzand van Konstantin Paustovski zijn een paar mooie korte verhalen opgenomen, waaronder het verhaal Sneeuw. Goede beginzin: ‘Nauwelijks een maand nadat Tatjana Petrovna bij hem een onderkomen had gevonden, stierf de oude Potapov.’ De jonge weduwe Tatjana blijft alleen achter met haar dochter Vanja en een oud kindermeisje. De winter is al vergevorderd als er brieven voor de oude Potapov worden bezorgd. Lang kan Tatjana haar nieuwsgierigheid niet bedwingen. Op een zekere nacht, terwijl de grijze kater (‘Archip’) ligt te snurken op de divan, steekt ze een kaars aan en begint de brieven te lezen. (meer…)

Konstantin Paustovski en het koninkrijk der dingen

Gelukkig had Marie Kondo in de negentiende eeuw haar boeken nog niet geschreven. Dan was de wereld heel wat kaler geweest. Zelf was ik een paar maanden lang een adept van Kondo, de Japanse opruimgoeroe, die je voorhoudt dat je alleen moet bewaren waar je gelukkig van wordt, doe de rest maar weg. Met dat credo voor ogen gaf ik duizend boeken weg, waaronder de herinneringen van Wanda Waliszewska aan haar man Zyga (zie mijn vorige blog), dat nu in een bibliotheek in een onbereikbare doos ligt te wachten tot het ontsloten wordt. Hoe goed het evangelie van Marie Kondo een paar maanden lang is geweest voor mijn geestelijke gezondheid: ze heeft het mis. Want hoe kan ik nu, vandaag, weten welk boek, welk kledingstuk, welk stom souvenir in de toekomst een geluksgevoel bij me oproept? (meer…)