Het dagboek van Rywka Lipszyc

Met de intuïtie van dokter Zinajda Berezowska, arts bij het Rode Leger, was niets mis. Toen ze in het voorjaar van 1945 een volgeschreven schoolschrift vond tussen de ruïnes van een van de crematoria van Auschwitz-Birkenau, voelde ze dat ze iets bijzonders in handen had, ook al kon ze er geen woord van lezen. Ze nam het schrift mee naar huis, naar Omsk, waar ze het jarenlang tussen haar papieren bewaarde. Dankzij haar kleindochter Anastasia heeft nu het oorlogsdagboek van Rywka Lipszyc – want dat was het schriftje dat Zinajda in Omsk bewaarde – zijn weg naar het publiek gevonden. (meer…)

Transitie


De mooiste nieuwjaarskaart ontving ik van de Zutphense kunstenaar Edith Meijering. Kotty huis in uit, heet het werkje officieel. Wat je ziet is niets meer en niets minder dan dat: hond Kotty (2004 – 2015) vliegt een huis in en komt er weer uit – maar dan als mens. Een vrouw met lippenstift op. (meer…)

Een monumentje voor Isaac Bashevis Singer

Eindelijk is het zover: Isaac Bashevis Singer heeft een monumentje gekregen in zijn Krochmalnastraat. Het is een simpel gedenkteken, een zwartgranieten plaat op een grijsbetonnen muur. ‘Elke Joodse straat in Warschau was een stad op zichzelf’, vermeldt de steen in de woorden van de grote schrijver. En daar is aan toegevoegd: ‘De toekomstige Nobelprijswinnaar woonde in dit deel van Warschau tussen 1908 en 1917. Door zijn werk maakte hij de Krochmalnastraat beroemd over de hele wereld.’ (meer…)

Over het stelen van een ziel

In Goudzand van Konstantin Paustovski zijn een paar mooie korte verhalen opgenomen, waaronder het verhaal Sneeuw. Goede beginzin: ‘Nauwelijks een maand nadat Tatjana Petrovna bij hem een onderkomen had gevonden, stierf de oude Potapov.’ De jonge weduwe Tatjana blijft alleen achter met haar dochter Vanja en een oud kindermeisje. De winter is al vergevorderd als er brieven voor de oude Potapov worden bezorgd. Lang kan Tatjana haar nieuwsgierigheid niet bedwingen. Op een zekere nacht, terwijl de grijze kater (‘Archip’) ligt te snurken op de divan, steekt ze een kaars aan en begint de brieven te lezen. (meer…)

Konstantin Paustovski en het koninkrijk der dingen

Gelukkig had Marie Kondo in de negentiende eeuw haar boeken nog niet geschreven. Dan was de wereld heel wat kaler geweest. Zelf was ik een paar maanden lang een adept van Kondo, de Japanse opruimgoeroe, die je voorhoudt dat je alleen moet bewaren waar je gelukkig van wordt, doe de rest maar weg. Met dat credo voor ogen gaf ik duizend boeken weg, waaronder de herinneringen van Wanda Waliszewska aan haar man Zyga (zie mijn vorige blog), dat nu in een bibliotheek in een onbereikbare doos ligt te wachten tot het ontsloten wordt. Hoe goed het evangelie van Marie Kondo een paar maanden lang is geweest voor mijn geestelijke gezondheid: ze heeft het mis. Want hoe kan ik nu, vandaag, weten welk boek, welk kledingstuk, welk stom souvenir in de toekomst een geluksgevoel bij me oproept? (meer…)

De zwager van Konstantin Paustovski

In 1936 trouwde Konstantin Paustovski met zijn tweede vrouw, Valeria Vladimirovna Navasjina (Valisjevskaja). De twee hadden elkaar al in 1923 leren kennen in Tiflis: een onverwachte, korte en hevige passie. Na zijn scheiding van Katja oftewel Konijntje (zie ook Wel een hondje en geen mobiel) zou Paustovski met Valeria oftewel Vosje trouwen. Met haar maakte hij de Tweede Wereldoorlog mee, de brisantbom die insloeg in hun woning, de evacuatie uit Moskou, de armoede. Het was ook Valeria die hem aanraadde zijn levensherinneringen op te schrijven. (meer…)

Wel een hondje en geen mobiel


Goudzand
van Konstantin Paustovski is alweer twee jaar geleden verschenen, eindelijk sloeg ik het vorige week open. Wat een boek: een mengeling van herinneringen, brieven, dagboekfragmenten en verhalen, een bouwwerk waarmee vertaler Wim Hartog het leven van Konstantin Paustovski (1892 – 1968, geboren en gestorven in Moskou) op een intieme manier heeft gereconstrueerd. Hoe kun je je eigen leven fictionaliseren? Lees Paustovski, en je ziet het voor je ogen gebeuren. (meer…)