Het dagboek van Rywka Lipszyc

Met de intuïtie van dokter Zinajda Berezowska, arts bij het Rode Leger, was niets mis. Toen ze in het voorjaar van 1945 een volgeschreven schoolschrift vond tussen de ruïnes van een van de crematoria van Auschwitz-Birkenau, voelde ze dat ze iets bijzonders in handen had, ook al kon ze er geen woord van lezen. Ze nam het schrift mee naar huis, naar Omsk, waar ze het jarenlang tussen haar papieren bewaarde. Dankzij haar kleindochter Anastasia heeft nu het oorlogsdagboek van Rywka Lipszyc – want dat was het schriftje dat Zinajda in Omsk bewaarde – zijn weg naar het publiek gevonden.Toen Anastasia aan het begin van deze eeuw naar de VS emigreerde, droeg zij het kleinood over aan het Holocaust Center of Northern Carolina. Want ze liep met dezelfde vragen rond als haar grootmoeder: Wat was dit voor document? Waar kwam het vandaan? En: wie was de auteur?

Judy Janec, onderzoekster bij het Holocaust Center, begon aan een bijna onmogelijke speurtocht. En dankzij haar weten we nu, meer dan zeventig jaar nadat het schrift door Zinajda werd gevonden, dat er in het getto van Łódź een meisje woonde dat Rywka Lipszyc heette, een meisje dat een dagboek bijhield waarvan de eerste teruggevonden bladzijde dateert van 3 oktober 1943 en de laatste van 12 april 1944. Rywka, geboren op 15 september 1929, was precies drie maanden en drie dagen jonger dan Anne Frank en de vergelijkingen met het dagboek van Anne Frank dringen zich meteen op.

Anders dan Anne, in onderduik in het Achterhuis, kon Rywka het huis waar ze met haar nichtjes woonde, verlaten – tot aan de gettomuren. Ze werkte om aan eten te kunnen komen, was lid van een leesclub, en had bakvisruzies met haar vriendinnen die ze bijna iedere dag ontmoette. Maar ze moest de meest verschrikkelijke oorlogsjaren zonder haar ouders doorbrengen: haar vader overleed in juni 1941 aan een longontsteking, haar moeder stierf een jaar later. Haar broertje Abraham van negen en haar zusje Tamara van vijf werden in september 1942 uit het getto weggevoerd, tijdens een van de grote deportaties waarvan vrijwel alle kinderen onder de tien en volwassenen ouder dan 65 het slachtoffer werden. Rywka bleef met haar zusje Cypora in het getto achter onder de hoede van twee oudere nichtjes, Estera en Minia.

Net als Anne Frank schrijft Rywka over haar dagelijks leven, over haar vriendinnen en haar boeken, over de dreiging die overal voelbaar is, over haar angst en verdriet. Ze heeft literaire ambities en oefent haar schrijftalent in haar dagboek. Zoals Anne haar brieven aan Kitty schrijft, zo schrijft Rywka ze aan haar eigen beste vriendin: Surcia (Sara) Zelwer.

Begin augustus 1944 wordt Rywka samen met Cypora, Estera en Minia uit het getto van Łódź naar Auschwitz-Birkenau gedeporteerd. Ze neemt het dagboek met zich mee – vermoedelijk wordt het haar bij aankomst meteen afgenomen. Via Christianstadt (onderdeel van het kamp Gross-Rosen), komen Rywka, Estera en Minia na een wekenlange dodenmars, die ze overleven, in Bergen-Belsen terecht. Daar worden ze door Britse soldaten bevrijd.

Estera en Minia worden na de bevrijding vanuit Bergen-Belsen naar Zweden geëvacueerd. Een dag voor hun vertrek krijgen de meisjes te horen dat Rywka moet achterblijven – ze is te zwak voor de reis naar Zweden. Ze overlijdt in het ziekenhuis van Niendorf in de zomer van 1945.

Judy Janec wist ook Estera en Minia, die na de oorlog naar Israël emigreerden, op te sporen. Dat Rywka een dagboek bijhield, wisten ze niet. Ze besluiten het aan Yad Vashem te schenken. Misschien lossen ze daarmee een droom van Rywka in, die er in haar dagboek over fantaseert hoe het zou zijn om in Palestina te wonen?

Het dagboek van Rywka is inmiddels in vele talen vertaald. Het wachten is op een Nederlandse uitgever die het verhaal van Rywka voor de Nederlandse lezer toegankelijk maakt.

Zelf kreeg ik het dagboek, in het Pools, van Marian Turski, die net als Rywka in augustus 1944 uit het getto van Łódź werd weggevoerd, en Auschwitz overleefde. Marian is nu 92. Hij is een van de bedenkers en fondsenwervers van het Museum voor Poolse Cultuur Polin in Warschau. Door onvermoeibaar zijn eigen levensverhaal en dat van talloze anderen te vertellen houdt hij de herinnering aan de Holocaust levend, nog steeds, iedere dag.

Voor het verhaal over Rywka is gebruik gemaakt van het essay van Ewa Wiatr dat is opgenomen in de Poolse uitgave van het dagboek: Rywka Lipszyc, Dziennik z getta Łódzkiego, Uitgeverij Austeria, Kraków-Boedapest 2017